Wat ik verf
tranen in kleur
zwart gelaat in krijt
woord druipers
doek verlaten
Kijk waar ik ben
Zie
papieren kreten
po√ęzie, lied, mantra
dit is wie ik was
nooit wil worden
ben geweest
zal zijn
ik mij wens
verliezer, winnaar
Vrouw van de wereld
‘s ochtends in badjas
aan houten tafel
Als ik lief heb, verdwaal,
schreeuw
mijn verlangen
haat
ik taal op papier
vang in linnen
vuur in mijn streken
heb lief, bemin
zanik niet aan mijn kop
dit is waar het om draait
graag of niet

(Astrid van Rijn over Petra Fenijn)